Steeds vaker horen we erover: de toenemende bijdrage van de luchtvaart aan CO2-uitstoot en aan klimaatverandering. Dit werpt vragen op: Moeten we bijvoorbeeld stoppen met telkens maar weer goedkope vakantievluchten boeken?  Maar ook: Waarom zouden we een halve dag treinen als het in veel minder tijd én goedkoper met het vliegtuig kan? Als het voor het werk moet, is het toch niet onze schuld? En: Ach, zo erg is het toch niet?

Helaas blijkt de algemene kennis over de CO2-uitstoot door luchtvaart vaak mondjesmaat, en horen we geregeld misverstanden (of drogredeneringen) met betrekking tot de impact van vliegen op het klimaat.

Energie- en klimaatexpert Sebastian Sterl pakt in deze reeks drie hardnekkige misverstanden over de CO2-uitstoot van vliegverkeer aan. In dit eerste deel:

“De luchtvaart maakt maar een klein deel uit van de wereldwijde CO2-uitstoot

Hoewel de luchtvaart procentueel gezien inderdaad (nog) maar een relatief klein aandeel van de totale wereldwijde uitstoot vertegenwoordigt, maakt ze een enorme groei door: volgens schattingen zou haar aandeel in CO2-uitstoot van de huidige 5% kunnen stijgen naar 22% tegen 2050.

In Nederland is bijvoorbeeld het aantal luchtvaartpassagiers de afgelopen 20 jaar méér dan verdubbeld, zo rekende het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) onlangs uit, en de hoeveelheid luchtvracht ongeveer anderhalf keer zo groot geworden.

Het bleek uit datzelfde onderzoek dat vluchten naar andere Europese landen de grootste groeier onder de verschillende soorten luchttransport hadden gevormd: deze hoeveelheid reizigers nam gemiddeld meer dan dubbel zo snel toe in vergelijking met de hoeveelheid reizigers naar andere continenten, zoals de onderstaande grafiek laat zien.

De groei van het luchtvaartvolume in Nederland 1997-2017. Bron: Uitbeijerse, G.C.M. & H.D. Hilbers (2018), Ontwikkeling luchtvaart en CO2-emissies in Nederland. Factsheet voor Omgevingsraad Schiphol, Den Haag: PBL.

Ook al zijn vliegreizen duidelijk efficiënter geworden in de afgelopen decennia—met een wereldwijd gemiddelde van 1.3% verbetering per jaar zijn vliegtuigen uit 2016 bijna tweemaal zo efficiënt als vliegtuigen uit de jaren ’60—is deze inhaalslag dus ruimschoots gecompenseerd door de toename aan luchtverkeer, met als gevolg dat de CO2-uitstoot van luchtvaart nog steeds sterk aan het stijgen is.

Het argument dat vliegen niet zo problematisch is omdat het niet zo’n groot aandeel in totale uitstoot vertegenwoordigt, is dus onzin. Onze vraag naar meer en meer reizen maakt dat er voorlopig geen einde in zicht is aan de groei van luchtverkeer, en dat aandeel blijft maar stijgen.

Zelfs al zou de luchtvaartindustrie niet meer groeien, is het trouwens nog steeds een enigszins twijfelachtig argument: uiteindelijk kun je voor bijna iedere sector (landbouw, zware industrie, etc.) wel zeggen dat hij “slechts een klein deel uitmaakt van de totale uitstoot”—ja, omdat er gewoon heel veel bronnen van CO2 zijn!

Alsof België niets aan klimaatsverandering hoeft te doen, omdat het maar een klein land is. (Alle landen die zelf beweren dat ze “slechts een klein deel” van de CO2-uitstoot veroorzaken, nemen samen trouwens 20% van de totale uitstoot voor hun rekening!)

Vooruitblik

In dit eerste deel van deze blogreeks hebben we het misverstand dat “vliegen maar een kleine bijdrage levert aan klimaatverandering” ontkracht. In het volgende deel van deze reeks kijken we naar een ander misverstand over de klimaatimpact van vliegverkeer: dat vliegen op lange afstanden de meest milieuvriendelijke optie zou zijn.

Wil je meer weten over de klimaatcrisis en haar oplossingen? Op 25 november geeft Sebastian Sterl een lezing op het Wetenschapsfestival Brussel.

Alle praktische info vind je op www.wetenschapsfestival.brussels.

Foto bovenaan: © Elnur/Shutterstock