Er wordt heftig gedebatteerd over klimaat in alle geledingen van onze maatschappij, maar een duidelijk plan rond hoe België de transitie van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare energie (HEN) kan maken is er niet. De cijfers tonen nochtans duidelijk aan dat België de klimaatdoelstellingen wel degelijk kan halen en energieneutraal kan worden. Op voorwaarde dat we niet enkel overschakelen naar HEN-productie (dit zijn essentieel zon en wind) maar ook vier belangrijke maatregelen nemen:

  1. Minder energieconsumptie, o.a. door onze huizen voldoende te isoleren
  2. Aanpassen van ons gebruik aan de beschikbaarheid
  3. Opslag van energie voorzien
  4. De capaciteit van internationaal elektriciteitstransport doen toenemen, eventueel zelfs intercontinentaal

Deze maatregelen zullen in het vervolg van deze blogreeks over energietransitie meer gedetailleerd aan bod komen.

De huidige energieproductie in België, die overeenkomt met de consumptie, is ongeveer 80 TWh/j (1 Terra Wattuur per jaar is 1 biljoen Wattuur per jaar). Daarvan is nu slechts 16 TWh/j hernieuwbare energie (HEN). Dus om de huidige energieproductie volledig CO2-vrij te maken en geen kernenergie meer te gebruiken moet er 64 TWh/j HEN bijkomen. Dit is slechts een eerste stap om als land CO2-neutraal te worden. Daarnaast moeten we ook ons transport, de verwarming van onze gebouwen, en onze industrie in rekening brengen.

Infographic via Infogram.com

Om de CO2-emissie van ons transport naar nul te krijgen, zullen we voor een groot deel elektrisch moeten rijden (naast het gebruik van bv. biobrandstoffen of CO2-conversie naar brandstof). Daarvoor is 20 TWh/j HEN nodig.

Verwarming van gebouwen slorpt nu ook een grote brok van onze energieproductie op. Als we stevig investeren in passieve woningen en de installatie van warmtepompen, kunnen we besparen tot een energieverbruik van 8 TWh/j.

Omdat industriële processen een grote hoeveelheid energie nodig hebben, namelijk 180 TWh/j, zal er hiervoor nog veel meer HEN moeten geoogst worden, waarvan weer een groot deel elektrisch (zon en wind).

Samengevat komt de totale nood aan energieproductie uit hernieuwbare bronnen voor een klimaatneutraal België dus op ongeveer 270 TWh/j te liggen, inbegrepen de hogervermelde 64 TWh/j HEN die nodig zijn om onze huidige elektriciteitsproductie volledig hernieuwbaar te maken.

Hoe kunnen we die 270 TWh/j energieproductie via HEN in de toekomst realiseren? We gaan uit van de vervanging van fossiele brandstoffen door voornamelijk elektriciteit. Een zeer realistische berekening brengt ons bij 30 TWh/j voor windturbines, vooral de capaciteit op zee zal de komende jaren nog meer dan verdubbeld worden. Zonne-energie zal in de toekomst het leeuwendeel van de elektriciteitsproductie verzorgen met ongeveer 120 TWh/j, haalbaar tegen 2030. In totaal kunnen we dus rekenen op een productie van meer dan 150 TWh/j tegen 2030. Om ook de rest van onze energiebehoeften te dekken zal er echter nog veel meer nodig zijn.

Infographic via Infogram.com

Een belangrijk probleem bij hernieuwbare energie is dat de elektriciteitsproductie niet altijd overeenstemt met het moment waarop we de elektriciteit nodig hebben. Zonne-energie wordt bijvoorbeeld tijdens de dag en vooral in de zomerperiode geproduceerd. De kortetermijnopslag kan gerealiseerd worden door batterijen, maar op langere termijn opslaan moet via chemische weg gebeuren. Technisch bestaat de mogelijkheid om overschotten van elektriciteit om te zetten in waterstof en verder in methaan en/of methanol. Deze producten, die via hernieuwbare energie verkregen zijn, kunnen dan later opnieuw zorgen voor elektriciteit. Om deze producten te bewaren, moeten er wel eerst nog enorme opslagruimtes voorzien worden.

Onze studie toont aan dat het potentieel van HEN zeer groot is, maar dat de toepassing ervan toch niet zo eenvoudig is. Eerst moeten we zelf zoveel mogelijk hernieuwbare energie produceren. De boodschap voor alle burgers is daarom: “Plaats fotovoltaïsche zonnepanelen en eventueel ook een zonneboiler!”. Dankzij de goedkope lening die we hiervoor kunnen krijgen, kosten zonnepanelen niet meer dan de elektriciteit die we nu betalen. Vervolgens moeten we de behoeften minimaliseren door onder andere af te stappen van de wegwerpeconomie.

Tot slot zal er samengewerkt moeten worden om bijvoorbeeld warmteoverschotten nuttig te gebruiken, moet het internationale elektriciteitsnet uitgebreid worden en moet een enorme hoeveelheid energie opgeslagen worden. Bij fossiele brandstoffen heeft de natuur dit voor ons gedaan, maar nu moeten we dat zelf doen. Als iedereen aan deze principes wil meewerken, zal een klimaatneutraal België een stuk eenvoudiger worden.

Kortom, als we België helemaal CO2-neutraal willen maken, moeten we (bijna) alles elektrisch maken en alle elektriciteit hernieuwbaar maken. Om dat te bereiken, zal de politiek de volgende stappen moeten ondernemen:

Tegen 2030

  • Hef de barrières op die grootschalige omschakeling naar HEN in de weg staan
  • Kom met een plan dat de mogelijkheden van vandaag optimaal benut en stabiliteit geeft aan investeerders

Tegen 2050

  • Stop met de ondersteuning van fossiele brandstoffen
  • Ondersteun de transitie naar een duurzame economie i.s.m. bedrijven
  • Ondersteun academici in hun fundamenteel en toegepast onderzoek, en niet enkel financieel (herbekijk bv. de werklast en publicatiedruk, laat ons samenwerken i.p.v. concurreren)

Lees binnenkort meer in de nieuwe blogreeks op wtsnchp.be

Foto bovenaan: © Shutterstock

Over de auteurs

Willy Baeyens

Willy Baeyens

Willy Baeyens heeft zijn hele loopbaan gewijd aan milieu-onderzoek in de brede zin van het woord. Zijn onderzoek begon met de deelname aan het ‘Project Noordzee’ van 1970 tot 1975, een interdisciplinair marien project waarin hij het gedrag van nutriënten en polluenten en de relatie tussen voedingstoffen en planktongroei bestudeerde. Na een verblijf van enkele jaren bij het Mathematisch Model van de Noordzee waar hij wiskundige modellen van het marien ecosysteem ontwikkelde, keerde hij terug naar de VUB. In 1992 onderhandelde hij mee de teksten voor Duurzame Ontwikkeling in Rio. Om de stockering van nucleair afval in goede banen te leiden werd hij benoemd als ondervoorzitter van NIRAS. De laatste jaren bestudeert hij de mogelijkheden om CO2 te stockeren in de oceaan na opname door fytoplankton.

Hubert Rahier

Hubert Rahier

Hubert Rahier was al van kinds af aan een milieuactivist. Hij behaalde een Master in ingenieurswetenschappen, richting scheikunde met de bedoeling om scheikundige processen uit industrie te begrijpen en te verbeteren zodat ons leefmilieu minder vervuild zou worden. Hij doctoreerde op ‘niet traditionele cementen (geopolymeren)’ in 1995. Pas na zijn doctoraat kreeg dit onderwerp internationale belangstelling, vooral omdat het toelaat een cement te produceren die zeker 80% minder CO2 uitstoot en gebaseerd is op afvalstoffen zoals vliegassen. Naast cementen bestudeert hij ook zelf helende materialen en nanovezels, telkens met de bedoeling om betere materialen te maken met minder grondstoffen en minder milieulast.